Logo konvib-312

Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background

Verteren van stuifmeel

Van: Agso nv - Erik Goris [mailto:erik.goris bij agso.be]
Verzonden: zondag 27 december 2009 0:58
Aan: bijen bij cari.be
Onderwerp: RE: [bijen] inzameling van propolis

Dag Roger,

We zijn al jaren aan het selecteren op bijen die weinig propoliseren. Natuurlijk duurt het dan lang om een kg te verzamelen.
Je staat versteld wat bijen met een goede haaldrift voor propolis, aan propolis bijeen halen als ze voorzien zijn van een propolis rooster.  

Ik stel me al jaren trouwens de vraag of het verstandig is om een dergelijke selectie door te voeren. De natuur heeft juist het tegenover gestelde gedaan. Bijen met een sterke haaldrift voor propolis behouden en die met een veel mindere haaldrift voor propolis er tussen uit laten vallen, omdat ze ziek werden, (Survival of the fittest).  Dit om de kast te ontsmetten en het volk in goede gezondheid het houden en zo veel mogelijk "slechte" bacteriën te weren. Wij imkers menen het beter te weten en gaan tegen deze evolutie in. Voor wat?

De vraag die ik reeds geruime tijd stel en waar ik geen antwoord op krijg is:

"Zijn er in het bacteriologisch klimaat van een bijenkast, verschillen vast te stellen tussen volken met een goede propolis haaldrift en die er geen of weinig heeft. En zijn er verschillen vast te stellen tussen volken met een goede propolis opbouw, die worden behandeld en niet behandeld."

Blijkbaar is daar nog niet zo veel studie naar gedaan. Het laat vermoeden dat er verschillen zullen zijn, maar wat de uitwerking is, en of het de bijen in hun gezondheid beïnvloed, bestaat geen zekerheid over, toch geen onderzochte zekerheid.

Een vraag die daar bij aansluit is:

"Is het bacteriologisch klimaat nog in orde, zodat bijen tot bijenbrood kunnen komen. Bijen kunnen immers geen stuifmeel verteren. En bijenbrood is het resultaat van een fermenteringsproces waar oa bacterën een belangrijke rol in spelen. "

Als niet de juiste stammen aanwezig kunnen zijn of voldoende aanwezig zijn,  kan er geen fermentering of slechts een slechte fermentering tot stand komen. Ook daar blijkt er weinig of geen studie te bestaan. Deze vraag kwam in me op, omdat ik de laatste tijd veel bijen zie met onverteerd stuifmeel in de darm. Niet alleen op mijn bijenstand maar ook op die van andere imkers die ik soms bezoek. En dit het hele jaar door. Deze waarneming is door verschillende imkers bevestigd en zelfs bevestigd door een prof. in Duitsland.

Beide punten van vragen staan wel in relatie met elkaar. Het klimaat in een kast moet van dien aard zijn dat de "goede" bacteriën blijven bestaan, ze helpen de bijen en dat de "slechte"dood gaan.  

En dan even de optelsom. We nemen de natuurlijke barrière tegen bacteriën voor een stuk weg, of we wijzigen de voorwaarde in de kast,  waardoor er stammen kunnen ontwikkelen die niet gewenst zijn in bijenkasten, door bijen minder te laten propoliseren.

Daarnaast  gaan we, intussen meer dan twintig jaar, met allerhande scheikundige stoffen, zuren en basen, giften, kruiden en kruiden extracten enz enz de kasten behandelen. Het kan niet anders dat er verschillen zijn tussen een "natuurlijke" bijenkast, met veel propolis en niet behandeld en deze met weinig propolis en behandeld.  Er moeten verschillen zijn in de bacteriën stammen die onze kasten bevolken.

En we staan daarbij versteld dat er zich ziektes gaan voor doen. naar mijn gevoel, raar dat het reeds niet veel eerder is gebeurd.

Waarmee ik niet beweerd dat dit dé oorzaak is van de problemen die zich nu voordoen. Maar we nemen stukje bij beetje de barrières weg die bijen beschermen en ze hebben er wat, maar we hebben het niet door dat we ze weg nemen, we zijn met ons eigen gemak bezig.

Als de laatste barrière dan ook nog weg valt, dan hebben we de problemen die we nu hebben. Daar zijn de meeste studies het wel over eens.  

Dit om maar te zeggen dat als we even anders gaan nadenken we wel veel propolis kunnen oogsten en dat dit naast de honing en de koninginnenbrij een bijkomende bron van inkomsten kan zijn.

MVG

Erik Goris

Van: Ghislain De Roeck [mailto:gderoeck bij euphonynet.be]
Verzonden: zondag 27 december 2009 15:14
Aan: bijen bij cari.be
Onderwerp: [bijen] Inzameling van propolis.

Erik Goris schreef:
 Deze vraag kwam in me op, omdat ik de laatste tijd veel bijen zie met onverteerd stuifmeel in de darm.

Dag Erik en allen,

Over onverteerd stuifmeel en de oorzaak ervan, bestaan wel studies, Erik.
O.a. die van de Nederlandse prof. De Groot, maar over het werk van die man hoor je in Vlaanderen weinig spreken (is ook al niet meer zo jong).
Zijn stelling luidt als volgt. Stuifmeel bevat aminozuren: essentiële en andere. De essentiële aminozuren moeten in een bepaalde verhouding aanwezig zijn om eiwit voor de bijen verteerbaar te maken. Dit zijn de aminozuren en de verhoudingen:
treonine (3.0 %), valine (4.0 %), methionine (1.5 %),  leucine (4.5%), isoleucine (4.0%), fenylalanine (2.5%), lysine (3.0%), histidine (1.5%), arginine (3.0%) en tryptofaan (1.0%).
Natuurlijk moeten die aminozuren niet van dezelfde plant komen. De hiernavolgende tabel bevat cijfers voor enkele eiwitsoorten.

Essentiële aminozuren in enkele stuifmeelsoorten (Millee 1991)

                           Koolzaad       

 

Koolzaad             Witte klaver      Sojabloem         Maïs      Paardenbloem

Treonine             4.4%                      3.8%                      4,0%         
Valine                   4.7%                      3.1%                      5,1%
Methionine       2.9%                      1.8%                      1,6%
Leucine                6.4%                      5.9%                      7,6%
Isoleucine           4.3%                      2.6%                      5,6%                      3,7%
Fenylalanine      4.0%                      3.6%                      5,1%                                      afwezig
Lysine                   6.7%                      5.6%                      6,4%
Histidine              2.3%                      4.2 %                     2,4%
Arginine              4.3%                      4.6 %                     7,1%                                      onvoldoende
Tryptofaan         -               -                 -                                                                        afwezig

Als een aminozuur niet aanwezig is in de vereiste hoeveelheid, dan kunnen de bijen het eiwit in het geconsumeerde stuifmeel niet volledig verteren. Als een aminozuur bijvoorbeeld vereist is in een hoeveelheid van 4% en slechts aanwezig is in een hoeveelheid van 3 %, dan kunnen de bijen slechts 75% van het geconsumeerde eiwit verteren. In een praktische toepassing van deze theorie moet een toegediend stuifmeelsupplement, zoals bijvoorbeeld sojabloem of Feed Bee, dus meer dan 4% isoleucine bevatten om al het eiwit in het natuurlijk geoogste stuifmeel te kunnen verteren.
Uit bovenstaande gegevens blijkt dat het stuifmeel van koolzaad en sojabloem ruim aan deze vereisten voldoet, maar, zoals Jan Hoes ons al eerder duidelijk maakte, bevat sojabloem voor de bijen schadelijke suikers. Verder bevat het maïsstuifmeel te weinig isoleucine en de paardenbloem te weinig arginine terwijl fenylalanine en tryptofaan geheel ontbreken. In de meeste analyses van stuifmeel zul je voor tryptofaan geen verhouding vinden omdat de berekening ervan heel erg veel kost. Ik weet niet Erik hoe het bij Feed Bee is, maar producenten van eiwitsupplement beschouwen de samenstelling van hun product als een fabrieksgeheim en geven die dus niet prijs. We moeten hopen dat alle essentiële aminozuren in voldoende mate aanwezig zijn.

In de streek rond Geraardsbergen, en elders ook wellicht, eindigt de voorjaarsdracht met de bloei van de paardenbloem. In een voorjaar waarin de bijen de fruitbloei hebben kunnen benutten, met haar overschot aan essentiële aminozuren, stelt dat geen probleem. De tekorten van de paardenbloem zullen gecompenseerd worden door de overschotten van de fruitboei. Maar als de bijen onvoldoende stuifmeel hebben kunnen oogsten tijdens de fruitbloei, dan zal het stuifmeel van de paardenbloemen de kritieke voedseltoestand van een volk niet kunnen keren, waar nog bijkomt dat er een drachtloze periode volgt aan het einde van de paardenbloemdracht. Als imkers moeten we hiervan bewust zijn: de volken hebben dan voedselhulp nodig!

Meer over de voedselvereisten van onze bijen vind je hier: http://www.honeybee.com.au/Library/pollen/nutrition.html (helaas in het Engels maar denk aan Google of de vertaalfaciliteiten van je tekstverwerker).

Wie toevallig de volledige samenstelling van maïs en paardenbloem kent, zal me een plezier doen met me deze toe te sturen.

Beste groetjes,

Ghislain.

Van: Bieenkorf [mailto:info bij bieenkorf.be]
Verzonden: zondag 27 december 2009 16:08
Aan: bijen bij cari.be
Onderwerp: RE: [bijen] Inzameling van propolis.

Ghislain, de paardenbloem zoek ik nog voor je op, hier alvast de maïs dat een laag ruw eiwitgehalte van 14% (waar 20-25% nodig is).
Maïs     

Treonine             5.1%          
Valine                   5.9%  
Methionine       1.6%     
Leucine                6.8%    
Isoleucine           4.8%    
Fenylalanine      3.8%    
Lysine                   5.6%  
Histidine              1.9%  
Arginine              4.7%   
Tryptofaan         -

 

Van: Agso nv - Erik Goris [mailto:erik.goris bij agso.be]
Verzonden: zondag 27 december 2009 19:51
Aan: bijen bij cari.be
Onderwerp: RE: [bijen] Inzameling van propolis.

Dag Ghislain,

Bedank om dit nog eens onder de aandacht te brengen. Ik ga proberen om ook voor stuifmeel vervangers de cijfer vast te krijgen. Maar volgens de informatie die ik heb zijn het niet alleen de aminozuren die een belangrijke rol spelen. Zo zouden er ook voldoende enzymen moeten voorradig zijn en in de juiste verhoudingen.

Maar mijn vraag is van een simpelere orde.

Stuifmeel moet worden voor verteerd als het ware. Het is een fermentatie proces waarbij het voedsel van hoedanigheid veranderd en verrijkt word met stoffen die in de eerste plaats niet in het stuifmeel aanwezig waren. Bijen kunnen ruw stuifmeel niet verteren, omdat ze de celwanden niet kunnen breken met hun verteringsproces. Dit heten we bijenbrood.

Mijn vraag betreft dit bijenboord.
Om tot bijenbrood te komen, wat zo'n veertien dagen duurt (*). Zijn er naast de juiste temperatuur, en de juiste voedingsstoffen ook de juiste bacteriologische stammen en fermenten nodig. De vraag die ik me stel is zijn die er nog in de kasten aanwezig en zijn ze voldoende aanwezig. Gezien het feit dat de bijen én minder propoliseren dan vroeger én gezien het feit dat we nu al zo'n twintig jaar het micro milieu aan het wijzigen zijn.

De uitleg die je geeft is me bekend. Maar dit komt maar pas na de fermentatie. Wanneer geen goede fermentatie ook al zouden de juiste stuifmeel met de juiste hoeveelheden aminozuren aanwezig zijn, ook geen veertering. De vertering begint bij de fermentatie.

(*) Hier wordt bijna geen rekening mee gehouden. Het kan dus best zijn, dat bijen met stuifmeel naar huis komen. De imker denkt alles in orde, maar als er geen bijenbrood aanwezig is, kunnen de bijen alsnof, met toelevering van stuifmeel verhongeren. WE moeten dus in dit verband steeds een vertraging van 14 dagen mee rekenen.

MVG

Erik Goris

Van: Bieenkorf [mailto:info bij bieenkorf.be]
Verzonden: zondag 27 december 2009 20:56
Aan: bijen bij cari.be
Onderwerp: RE: [bijen] Inzameling van propolis.

Bijenbrood is meer een bewaarstructuur om een buffer voor gebruik op langere termijn op te zetten.
Hoe dat bijenbrood reageert op de gewijzigde microklimaten die wij in de kasten creëren met al die varroabehandelingen is nog een onbeantwoorde vraag. Het is bekend dat stuifmeel in een te zuur klimaat snel zijn eigenschappen verliest.
In het broedseizoen wordt dagelijks vers stuifmeel rond het broed opgeslagen, om ook dadelijk gebruikt te worden, dat maakt geen melkzuurgisting mee en wordt dus geen bijenbrood.
Bijen kunnen dat stuifmeel ook direct verteren. In de middendarm worden bolussen (propjes) van het stuifmeel gemaakt waarrond membramen worden gevormd. Hieruit komen enzymen vrij die het stuifmeel verteren. Ook hier is een goed stuifmeelaanbod belangrijk want niet alle stuifmeelsoorten worden even gemakkelijk verteerd, zo verteert stuifmeel van phacelia en tamme kastanje gemakkelijk maar dat van klaver heel erg moeilijk, waardoor men daar dan veel onverteerde resten van vindt.
Bij een goed stuifmeelaanbod is het rendement van de stuifmeelvertering erg hoog, tot 83% van alle stikstof (hoofdbestanddeel van de aminozuren) komt dan uiteindelijk in de bij terecht.
Iedereen vindt klaver een fantastische dracht omdat het nogal wat honing oplevert en de bijen komen er ook met stuifmeel mee naar huis. Als er niet veel anders te rapen valt zit je daar dus met een enorm probleem terwijl de imker blij is met zijn honing...
Een goed stuifmeelaanbod blijft het belangrijkste voor onze bijen.
www.bieenkorf.be/phacelia.htm

Van: Ghislain De Roeck [mailto:gderoeck bij euphonynet.be]
Verzonden: maandag 28 december 2009 7:45
Aan: bijen bij cari.be
Onderwerp: RE: [bijen] Inzameling van propolis.

De vraag die ik me stel is zijn die er nog in de kasten aanwezig en zijn ze voldoende aanwezig. Gezien het feit dat de bijen én minder propoliseren dan vroeger én gezien het feit dat we nu al zo'n twintig jaar het micro milieu aan het wijzigen zijn.

Dag Erik en allen,

Het onderzoek van prof. De Groot dateert uit 1953. Om een vergelijkingspunt te geven, dat is ook het jaar dat prof. Ruttner zekerheid gaf over de paring van de koningin met meerdere darren.
Dat is allemaal meer dan vijftig jaar geleden, maar m.i. is dat  geen reden om te twijfelen aan de juistheid van de besluiten ervan.
Het is natuurlijk wel zo dat de bevindingen van prof. De Groot uit een tijd komen dat de varroabestrijding niet bestond en die dus geen invloed kon uitoefenen op de kwaliteit van de voedselopslag.
Of die invloed er is, is niet zeker, tot  op heden wordt daar vooral over gespeculeerd.
Zie vooral ook wat Marc intussen schreef over het bijenbrood en het opnemen van stuifmeel.
Tenslotte denk ik dat propolis in deze helemaal geen rol speelt, maar ik kan me vergissen uiteraard.
Ach, kon iemand van ons maar voor één seizoen een bijtje zijn, hé!
Beste groetjes,

Ghislain.

Van: Erik Goris [mailto:erik.jjm.goris bij telenet.be]
Verzonden: maandag 28 december 2009 22:08
Aan: bijen bij cari.be
Onderwerp: RE: [bijen] Inzameling van propolis.

Dag Ghislain Dag Marc,

Ik heb in vorige bijdragen het een beetje algemeen willen houden, maar dat voldoet in een dergelijke discussie blijkbaar niet. Vorige bijdragen waren ook uit de parate kennis, intussen heb ik wat gaan opzoeken en heb een zeer lang gesprek gehad met Dr. Abdi Saffari, die doctor is in nutrition (voeding) algemeen en zich daarna gespecialiseerd heeft in nutrition voor bijen in het bijzonder. Hij gaat uit van wat de voedingleer zegt. Dat is een iets andere aanpak dan wat we kennen vanuit de zoöfysiologie.

Stukken van dit gesprek zal ik hier ook verwerken.  

Tot slot zijn de meesten van ons zoekers die de resultaten van wetenschappers dienen op te zoeken, te begrijpen, te interpreteren en na vertellen.  Hierbij dan een poging:

1 Om te beginnen het probleem van de aminozuren:

Prof De Groot heeft zich gebaseerd op testen met ratten. Voor sommige aminozuren geeft hij een nogal hoge waarde. Zo geeft hij voor Isoleucine 4% die nodig zou zijn. Er zijn in heel de wereld maar 3-4% dieren die zo'n hoog gehalte aan Isoleucine nodig hebben, waaronder toevallig ratten. En dit zolang ze worden gezoogd. Later hebben ze slechts 2% nodig. Bijen horen niet tot deze 3-4%. Zoals de meeste van de andere dieren en insecten (ook mensen). Het is ook niet zo dat een bepaald soort dier een bepaalde hoeveelheid aminozuur nodig heeft dat je dit kan omzetten naar andere dieren.  

Een ander probleem is het vaststellen van de hoeveelheid aminozuren. Geef een zelfde staal aan verschillende labo's, dan mag je verwachten dat deze allemaal een verschillende uitslag zullen geven. Aminozuren zijn zeer complex en niet goed te meten. Het is zeer moeilijk om de hoeveelheden aminozuren vast te stellen en de methodes die ervoor worden gebruikt zijn niet gestandaardiseerd. In de jaren vijftig was dit probleem zelfs nog groter, omdat daar bovenop bepaalde meetmethodes niet eens bestonden.

Op dit moment is er geen enkele erkende referentie wat aminozuren betreft die bijen nodig zouden hebben er zijn enkele studies maar de cijfers liggen nogal uiteen om bovenvernoemde reden of de resultaten worden gekopieerd, waardoor het lijkt dat er eenvormigheid bestaat, maar in wezen gaat dit steeds terug naar één of enkele bepaalde bron(nen).

  1. Nota: Prof de groot heeft een poging ondernomen om een kunststuifmeel te ontwikkelen, dit is enige jaren terug. Dit was voornamelijk op basis van melkeiwitten. De resultaten verschenen enige jaren terug bij PPO bijen. Toch waren er een enkele zware problemen die dienden opgelost te worden. Zoals het vroegtijdig bederven van het product en het hard worden door toevoeging van lijn(zaad)olie als oa attractant.(lokmiddel om laten op te nemen)  http://library.wur.nl/way/bestanden/clc/1810509.pdf
  2.  
  3. Toen hij Feedbee heeft leren kennen, hij had ook al andere producten uitgeprobeerd, heeft hij zijn poging tot het formuleren van een bijendieet gestaakt, omdat hij vond dat er een goed product was en dat het niet nodig was om tijd en geld te verspillen om iets te maken dat intussen goed was gebleken en waarschijnlijk niet kon verbeterd worden.

 Wat in dit verhaal vooral belangrijk is met de aminozuren is dat ze van een goede kwaliteit moeten zijn. Zouden voldoende aminozuren in voedsel aanwezig zijn, maar de kwaliteit is laag, dan kan dit voedsel maar gedeeltelijk worden verteerd. Ook al blijken de nodige aminozuren aanwezig. Het kan zelfs zo zijn dat de verhoudingen tussen proteïne en aminozuren goed liggen en dat nog niet tot vertering kan worden over gegaan. Waarover verder meer. Om een dieet te formuleren is het daarom heel belangrijk vooral de kwaliteit te garanderen, niet zozeer de hoeveelheid.

2 Dan wat over proteïne:

Er wordt aangegeven dat soja 40-60% proteïne bevat. Hoe komt men tot een dergelijke meting? In een labo worden de soja verteerd. Dan gaat men de nitogenen (stikstof) meten en dit resultaat vermenigvuldigen met 6.5 . De uitkomst is dan de Gross- of de crud proteïne. De echte proteïne in soja is echter 23% wat een stuk later is. Maar proteïnes op zich zijn ook slecht te meten en deze metingen zijn erg duur. Daarom dat men overgaat tot een routine meting zoals beschreven, waar men organische stikstof gaat meten.

Een ander voorbeeld: in 2008 had men in China melkpoeder in omloop met een proteïne geven van 83%. Wat was er gebeurd? Men had melamine bijgevoegd om zo'n hoog resultaat te bereiken. Melamine bevat 60-70% nitrogenen (stikstof). Wat het resultaat omhoog brengt maar melamine is geen proteïne. De stikstof in de melamine verontreinigd de meeting. Melk (niet melkpoeder) bevat slechts rond de 3% echte proteïne en dan moet die van een zeer goede kwalitiet zijn. Dit schandaal had zich trouwnes uitgebreid tot in Nederland en Italië.

Dus ook hier moeten we voorzichtig zijn om proteïnes te vatten in cijfers. De meeste cijfers die voorhanden zijn, zijn de crud proteïne in stuifmeel maar dat zegt niets over de echte proteïnes die er in aanwezig zijn. We onthouden dat stikstof wordt gemeten en dat de hoeveelheid proteïnes daar aan worden van afgeleid. Dit is echter een benadering omdat er ook andere stoffen aanwezig zijn die stikstof bevatten en daardoor een meetfout geven.

Dan nog een ander probleem: Stel we hebben de juiste hoeveelheid proteïnes en de juiste uitbalancering van de aminozuren. Beiden hebben een zeer goede kwaliteit enz., dan nog zal er geen vertering kunnen. In de uitwerpselen zal je onverteerde proteïne terug vinden. Vertering is veel complexer dan wat stoffen bij elkaar brengen. Zo is er bijvoorbeeld Vitamines B6 nodig om de aminozuren "in kleine stukken te breken" zodat deze kunnen worden opgenomen. En dit is voor elk levend wezen wat het ook is.

En stel we hebben de juiste hoeveelheid proteïnes en de juiste uitbalancering van de aminozuren. Beiden hebben een zeer goede kwaliteit enz., en we hebben ook voldoende vitaminen B6. Dan nog zal het verteringsproces niet kunnen plaats vinden. We mankeren nog mineralen. Zoals fosfor. Deze  werken als een coenzyme, zeg maar een helper en zijn nodig omdat de vitaminen zouden kunnen werken.

Muizen kan je voeden met kaas. Zou je alle onderdelen die in kaas aanwezig zijn, zoals vetten, eiwitten, mineralen enz., apart aan de muizen geven, dan kunnen we ervan uit gaan dat ze alles wat ze nodig hebben gehad hebben, maar we kunnen er van zeker zijn dat de muis dood gaat. Het geheel is groter dan de optelsom van de samengestelde delen. Met bijen is dat niet anders.

Dit zijn slechts voorbeelden. De realiteit zit veel complexer in elkaar en er zijn nog hele stukken die nog niet gekend zijn.

Zoals je kan zien is het niet voldoende om wat met getallen te goochelen wat betreft bepaalde onderdelen uit de voeding deze uit te lichten en er voor te zorgen dat deze aanwezig zijn.

3 Nog ander noodzakelijke stoffen in voeding

We hebben het dan nog niet gehad over de nodige aanwezigheid van enzymen.

Een enzym maakt een chemische reactie in of buiten een cel mogelijk of versnelt deze zonder daarbij zelf verbruikt te worden of van samenstelling te veranderen. Wel verbindt het enzym zich tijdens de reacties met het substraat, dat is datgene wat met de stofwisseling of vertering een reactie aangaat. Dit gebeurt voor elk enzym op een eigen manier, doordat elk enzym reactiespecifiek is. Enzymen worden door het organisme (dieren, planten, insecten, schimmels) zelf gemaakt. Voor de opbouw ervan zijn in een aantal gevallen dan weer vitaminen nodig.  Bijen gebruiken ook enzymen die afkomstig zijn van planten. Een goede stuifmeel vervanger zal deze enzymen in zich dragen.

Of we hadden het niet over "bevorderlijke bacteriën" het probioticum genaamd.  Een probioticum is een samenstelling met levende, goed gedefinieerde micro-organismen in voldoende aantallen, dat de microflora in een bepaald orgaan van de gastheer verandert en daarmee een gezondheidsbevorderend effect heeft op de gastheer'.

Ik stel het nu even karikaturaal, en ik richt me zeker niet tot diegene waarmee ik deze discussie voer, maar het lijkt dat sommige imkers ervan uit gaan dat bijen kleine beestjes zijn en dat hun verteringsproces dus niet erg complex is. Dat ze wat honing en wat pollen eten en als dat aanwezig is dan is alles wel in orde. Wel dat is niet zo. Daarom is het ook niet zo gemakkelijk om een kunststuifmeel uit te werken. Was dat wel zo dan had dit al heel wat decennia geleden geformuleerd geweest en had het ook succes gehad. Geprobeerd is het reeds vele malen, het succes bleef echter uit. Dit alleen toont aan dat het vrij complex is. Het is pas enige jaren terug dat er met goed geluk en kennis van zaken in geslaagd is geworden om een goed product samen te stellen, een product dat met bovenstaande rekening houd.  

4 Wat de spijsvertering van bijen betreft:

4-1 Algemeen:
Bijen hun spijsvertering kan je vergelijken met die van zoogdieren en vogels. Er zit een evolutie in net zoals bij mensen. Baby's kan je ook niet voeden met zwaar voedsel doorkruid met spijzige kruiden. Naarmate een mens ouder word kan hij beter en beter zwaarder voedsel verteren. Baby's voed je met  licht voedsel. Bij vogels is dit voedsel reeds een deel voor verteerd wanneer ze hun jongen voeden.

Bij bijen is dat net het zelfde. Larven en jonge bijen kunnen geen stuifmeel verteren. Het volwaardig verteren van stuifmeel begint pas enige tijd voordat ze zullen uitvliegen als haalster. Bij jonge bijen zal je bijna alle stuifmeel onverteerd terug vinden in hun uitwerpselen als je ze met stuifmeel voed. Larven kunnen dit stuifmeel helemaal niet verteren.

4-2 Bijenbrood.
  Stellen dat bijenbrood een methode is om stuifmeel te bewaren, voor langere tijd, zoals we ook conserven bewaren,  is erg kort door de bocht. Het is gedeeltelijk waar maar er is veel meer en bijenbrood heeft en nog belangrijkere taak.

Pollen zijn mannelijke organen en verschillen danig met ander voedsel als bv fruit. De natuur heeft de pollen voorzien met enkele beschermingen. Zo hebben de meeste pollen drie layers bescherming er zijn de uitsteeksels, het zeer harde omhulsel en zijn er zijn er wat je kan noemen anti-enzymen.  Deze enzymen proberen de stuifmeel korrel zo lang mogelijk te beschermen tegen bederf (bacteriën en enzymen). De regel is hoe meer voedingsbestanddelen er in pollen zitten, des de moeilijker is het om deze te verteren. Jonge bijen en larven kunnen niet genoeg enzymen aanmaken om deze anti enzymen te lijf te gaan en het verteren, zeg maar open breken van het omhulsel is ook een probleem.

Dit maakt het bijzonder moeilijk om stuifmeel zo maar te verteren. In mensen taal, stuifmeel is erg zware kost. Om dit euvel op te lossen heeft de natuur de bijen voorzien van een hulpmiddel, het bijenbrood. Bijenbrood is een fermentatie proces waarbij enzymen van de plant samen met enzymen die de bij aanmaakt in samenwerking met  probioticum (voornamelijk melkzuurbacteriën)tot een "voorvertering" komt. Jonge bijen en larven kunnen het bijenbrood wel verteren. (zoals bij vogels)

 De enzymen die aanwezig zijn komen niet in actie als de zuurtegraad te laag is, bijenbrood heeft een vrij hoge zuurtegraad door de aanwezigheid en de actie van de melkzuurbacteriën. Het maken van bijenbrood is een continu  proces. Het vraagt ongeveer 14 dagen om van ruw stuifmeel tot bijenbrood te komen.

 

4-3 Wat als er tekorten voordoen.

Wanneer larven geen bijenbrood meer te eten kunnen krijgen, zullen de jonge bijen hun reserves aan spreken. Ze kunnen ongeveer gedurende één week in teren op hun eiwitvetlichaam. Daarna worden eitjes en jonge larve gekannibaliseerd om de koningin en het overige broed van eiwit te voorzien. (Dit kan de reden zijn waarom we eitjes vinden op de vliegplank)

Met andere woorden bijenbrood maakt een wezenlijk onderdeel uit van het verteringsproces van larven en jonge bijen. Wanneer niet voldoende aanwezig, dan kunnen slecht de oude bijen blijven overleven op de verse stuifmeel pollen. Zoals ik reeds schreef. Er kunnen zich omstandigheden voordoen, dat bijen met stuifmeel naar huis komen en toch zich sterfte in de kast voor doet.

Nota: als we over een stuifmeel vervanger spreken dan is dit in feite fout. Beter zou zijn om over een bijenbrood vervanger te spreken. Immers een goed stuifmeel vervanger kan worden verteerd door de larven en de jonge bijen. Voor Feedbee is de darmtransit ongeveer een half uur.

5 Slot
Ik hoop hiermee wat inzicht te hebben gegeven in de complexiteit waarmee we te maken hebben als het om bijenvoeding gaat. En ik hoop dat jullie de vragen die ik me stel rond het micro milieu in de bijenkast in dit kader kunnen zien. Zoals ik besprak zijn enzymen en bacteriën van wezenlijk belang voor de vertering en opname van voeding door zowel larven, als jonge bijen en oudere bijen, elk op zijn domein en toebedacht met hun specifieke noden. Propolis komt hierbij ook om het hoekje kijken. Propolis maakt dat het milieu waar dit complex systeem moet in gedijen, klaar is voor gebruik. Wanneer er niet voldoende propolis aanwezig is dan zal dit storingen geven in de milieu. Als in deze hele keten één enkele schakel ontbreekt is deze keten gebroken met gevolgen voor de bijen. Deze zijn daarom niet direct zichtbaar maar laat ten zich gevoelen op termijn.

Willen we onze bijen gezond houden dan dienen we met al deze factoren rekening te houden.

MVG

Erik Goris

Van: Ghislain De Roeck [mailto:gderoeck bij euphonynet.be]
Verzonden: dinsdag 29 december 2009 9:54
Aan: bijen bij cari.be
Onderwerp: RE: [bijen] Inzameling van propolis.

Bedankt, Eric, om voor ons deze reusachtige inspanning te hebben gedaan.
Het duurt een tijdje vooraleer je in een bos alle bomen kent.
Deze gedacht overvalt mij bij het lezen van je tekst.
Niet iedereen kent alle bomen in het bos.
En niet elke imker zal geïnteresseerd zijn in elk voedingsdetail.
Maar wie dat wenst, krijgt hier een mooie kans.
Niet te geloven eigenlijk dat dit mechanisme miljoenen jaren gefunctioneerd heeft zonder dat een mens het wist, laat staan erin tussenkwam.
Of misschien precies daarom?
Nogmaals hartelijk dank en beste groetjes,

Ghislain.

Van: Bieenkorf [mailto:info bij bieenkorf.be]
Verzonden: dinsdag 29 december 2009 12:46
Aan: bijen bij cari.be
Onderwerp: RE: [bijen] Inzameling van propolis.

Dag Erik,

Een goed stuifmeelvervanger of -aanvuller op plaatsen waar het pollenaanbod mank loopt, kan belangrijk zijn.
Men is al met vele oplossingen voor de dag gekomen en allemaal zijn ze de beste, ze zwaaien allemaal met doctor-titels en studies die aan de grondslag liggen van hun product maar uiteindelijk gaat het allemaal om big-business.
Je trekt zelf de amionozuurbehoeften van bijen die uit studies naar voor komen in twijfel omdat ze niet 100% juist kunnen gemeten worden, hoe moeilijk is het dan voor een fabrikant van een vervangmiddel om hier juist op in te spelen ?
Mogelijk heb je met Feedbee nu een goed product in handen, ik wens het je toe.
Dat de spijsvertering een ingewikkeld en minutieus chemisch proces is waarbij verschillende elementen in bepaalde hoeveelheden dienen aanwezig te zijn is overduidelijk, je geeft het mooi en duidelijk aan.

Maar bijenbrood wordt enkel aangesproken in tijden van nood, wanneer onvoldoende vers stuifmeel aanwezig is. De functie van de melkzuurgisting is in de eerste plaats het zo goed mogelijk proberen bewaren van het stuifmeel en zijn eigenschappen. De melkzuurgisting in bijenbrood kan bijdragen tot een beter afbreken van de pollen maar daar gaat een lang chemisch proces aan vooraf (vergelijk het met een pot zuurkool die je voor maanden opzet), je spreekt zelf van 14 dagen. Die tijd hebben de bijen niet in volle broedseizoen. Het verbruik aan stuifmeel voor het jonge broed en de jonge bijen is dan enorm, een mooie verse stuifmeelrand rondom het broed is op enkele dagen van regen volledig verdwenen, opgebruikt. Dat danken bijen (en ook andere pollenverwerkers zoals kevers, vleermuizen...) aan hun verteringssysteem dat de meeste verse pollen goed kan afbreken. Het is voor bijen vooral gericht op 2 principes : de osmotische shock die pollen ondergaan bij het doorlopen van 2 compleet verschillende milieus (suikerhoudend in de honingmaag en zuur na het ventiel) en de inwerking van specifieke enzymen op de pollen, die het cytoplasma van de pollen volledig of gedeeltelijk oplossen.
Andere diersoorten kunnen dat maar in mindere mate of zelfs volledig niet (sommige vogels bijvoorbeeld) omdat ze daar in hun evolutie niet voor gespecialiseerd werden.
Er zijn daar al veel studies over verricht door Moritz en Crailsheim (1987) en door Roulston en Cane (1999) e.a. Het is alleen heel moeilijk om op internet aan hun detailstudies te geraken omdat ze meestal afgeschermd zijn door 'wetenschappelijke' betaalsites. Ik heb in bijlage een pdf gestopt waar A. Imdorf het heeft over 'pollen digestion' (pag. 8). (Nvdr: des PDF is te bekomen bij de redactie).
Dat de vertering van zware stoffen, zoals pollen, doorgetrokken wordt naar zoogdier en mens (baby's kunnen nog niet alles verteren, dus jonge bijen ook niet) is een gekende menselijke zienswijze maar niet helemaal juist.
Doordat bijenlarven geen honingmaag hebben zouden we kunnen suggereren dat de osmotische shock geen kans krijgt, maar dat is ook niet nodig want de eerste dagen wordt dat opgevangen door het enkel toedienen van voedersappen waar alle pollenbestanddelen in zitten. In een later stadium krijgt de larve een mengeling van o.a. vers stuifmeel, nectar en enzymen van de voedsters zodat die osmotische shock al gedeeltelijk door hen wordt voorbereid. De enzymale afbraak gaat dan verder in de larve.
Dat jonge uitgelopen bijen minder stuifmeel zouden kunnen verteren klopt helemaal niet, het zijn zij die massa's vers stuifmeel verteren om rijke voedersappen op te bouwen. Het zijn juist de oudere bijen (haalbijen) die minder pollen kunnen verteren, zij hebben in dat stadium ook meer suikers nodig om te kunnen werken. In dit verband is het onderzoek van Crailsheim belangrijk. Hij onderzocht het aantal lege (verteerde) pollen bij bijen aan het eind van de spijsvertering. Voor pollen van tamme kastanje kwam hij tot volgend resultaat : bij bijen van 1 dag oud :  98.2% lege pollen,  bij bijen van 9 dagen oud : 96% lege pollen en voor bijen van 23 dagen oud : 49.5%. Het is ook hij die in deze studie ontdekte dat dit bij klaver heel wat lager lag.
Ik denk dat we gerust mogen stellen dat pollen onvervangbaar zijn.

Van: Roger De Vos [mailto:roger.devos3 bij telenet.be]
Verzonden: dinsdag 29 december 2009 14:19
Aan: bijen bij cari.be
Onderwerp: Re: [bijen] Inzameling van propolis.

Bee-Pro laatste nieuw (???)product stuifmeelvervangers op de markt.
Inderdaad big -business iets meer dan 4€ de kg.
de beschrijving ervan luidt:

Het bevat proteïnen,lipiden,mineralen en vitamine B uit honing.
Dit product is vrij van natuurlijke stuifmeelpollen,waardoor men zeker is dat er geen vuilbroed aanwezig is.
He kan worden gebruikt voor het straten van nieuwe kolonies in de late winter of de vroege lente
Het bevordert de broedaanzet in het voorjaar.
Het kan in droge vorm gebruikt worden in een voederhuisje voor bijen.
Ideale hoeveelheid /volk is 700gr.
Analyse:
min.proteine 48,50 %
Vet 3,80 %
As 7%
Vocht 10%

Wordt alleen verkocht in zakken van 10kg

groetjes
roger

Van: Ghislain De Roeck [mailto:gderoeck bij euphonynet.be]
Verzonden: woensdag 30 december 2009 9:22
Aan: bijen bij cari.be
Onderwerp: [bijen] Inzameling van propolis.

Beste allen,

De laatste voor dit jaar, beloofd!
Ik dank Erik en Marc voor hun interessante beschouwingen over de vertering van stuifmeel.
Wie het essentiële van de Engelstalige PDF van Marc in het Nederlands wil lezen, kan hier terecht:
http://home.euphonynet.be/archief_bijen/gezondheid/Stuifmeel%20en%20honingbijen.pdf
Het gaat om een samenvatting door Sjef  Van der Steen, ons intussen wel bekend van studiedagen in Diepenbeek en Lichtaart.

En voor de enkelen die er niet genoeg van krijgen is er ook nog dit:
https://rirdc.infoservices.com.au/items/01-047
Helaas, alweer in het Engels (wordt dit misschien ooit een verplicht vak in de cursussen over de bijenteelt? … J)

Zo, een fijne overgang van oud naar nieuw en tot in 2010,

Ghislain.

Van: Agso nv - Erik Goris [mailto:erik.goris bij agso.be]
Verzonden: woensdag 30 december 2009 18:33
Aan: bijen bij cari.be
Onderwerp: RE: [bijen] Inzameling van propolis.

Dag Ghislain,

Zoals je kan zien wordt er in de Engelse studie ook gesproken over Crud proteine, (CP%), je weet wel datgene wat afgeleid wordt van de hoeveelheid stikstof aanwezig in het onderzochte materiaal. Ook hier wordt de (verouderde) lijst van Prof De Groot aangehaald.
Op zich is daar niets mis mee, maar dit alles zijn indicaties maar mogen niet gelezen worden als exacte cijfers.

Ik merk dat in de uitleg die ik gaf, niets heb gezegd over vetten. Als ik wat tijd heb kom ik daar nog eens op terug.

MVG

Erik Goris